Bandenspanning op kenteken opzoeken: zo vindt u de juiste waarde
De bandenspanning van uw auto staat niet op het kentekenbewijs. Dat is een hardnekkig misverstand. U vindt de juiste waarde op drie plekken: op de sticker in de deurstijl aan de bestuurderskant, in het instructieboekje van uw auto, of via een online tool waar u uw kenteken invult. Voor de meeste personenauto’s ligt de juiste spanning tussen de 2,0 en 2,5 bar, maar de exacte waarde verschilt per model, bandenmaat en belading.
Staat de bandenspanning op het kentekenbewijs?
Nee. Op het kentekenbewijs staan voertuiggegevens zoals de massa, de afmetingen en het bouwjaar, maar geen bandenspanning. Toch zoeken duizenden automobilisten hier elke maand op, en dat is logisch: het kentekenbewijs voelt als het officiële document waar alles van uw auto in staat.
De verwarring komt waarschijnlijk doordat u met uw kenteken wél de juiste bandenspanning kunt opzoeken. Alleen gebeurt dat niet op het document zelf, maar via een database die het kenteken koppelt aan de fabrieksgegevens van uw specifieke uitvoering.
Waar vindt u de juiste bandenspanning wel?
1. De sticker in de deurstijl
Dit is de snelste en betrouwbaarste manier. Open het bestuurdersportier en kijk op de deurstijl, ongeveer ter hoogte van het slot. Daar zit bij vrijwel elke auto een sticker met de voorgeschreven spanning voor de voor- en achterbanden.
Staat er niets? Kijk dan op deze plekken:
- Aan de binnenkant van het tankklepje
- In het handschoenenkastje
- Op de rand van het motorkapdeksel
- Bij oudere auto’s soms in de kofferbak, bij het reservewiel
De sticker vermeldt meestal twee kolommen: één voor normale belading en één voor volledige belading. Sommige fabrikanten geven ook aparte waarden voor zomer- en winterbanden.
2. Het instructieboekje
In het instructieboekje staat een volledige tabel met alle bandenmaten die voor uw model zijn goedgekeurd, met de bijbehorende spanning per maat. Handig als u andere velgen of banden hebt laten monteren dan de standaarduitvoering, want dan wijkt de sticker mogelijk af.
3. Online opzoeken op kenteken
Er zijn verschillende websites waar u uw kenteken invult en direct de voorgeschreven bandenspanning terugkrijgt. BOVAG heeft hier een webapplicatie voor, en er zijn onafhankelijke bandenspanningtools die hetzelfde doen. Deze tools halen de gegevens uit de fabrieksdatabase op basis van uw voertuiguitvoering.
Let op: hebt u andere bandenmaten laten monteren dan de originele, dan klopt de uitkomst van zo’n tool niet automatisch. De sticker en het instructieboekje gaan dan voor.
Bandenspanning berekenen: dat hoeft niet
U kunt de juiste bandenspanning niet berekenen. Er bestaat geen formule waarmee u op basis van gewicht of bandenmaat zelf de waarde afleidt. De fabrikant bepaalt de spanning op basis van tests met het specifieke voertuig, de wielophanging en de goedgekeurde bandenmaten. Opzoeken is dus de enige juiste route.
Bandenspanning tabel: richtwaarden per type auto
Onderstaande tabel geeft een indicatie. Gebruik hem alleen om te controleren of u in de juiste orde van grootte zit, nooit als vervanging van de sticker op uw eigen auto.
| Type auto | Richtwaarde voorbanden | Richtwaarde achterbanden |
|---|---|---|
| Kleine stadsauto | 2,0 – 2,3 bar | 2,0 – 2,2 bar |
| Compacte middenklasse | 2,2 – 2,5 bar | 2,1 – 2,4 bar |
| Middenklasse en sedan | 2,3 – 2,6 bar | 2,2 – 2,5 bar |
| SUV en cross-over | 2,3 – 2,7 bar | 2,3 – 2,6 bar |
| Bestelwagen | 3,0 – 4,5 bar | 3,0 – 4,5 bar |
Bij bestelwagens loopt de spreiding het verst uiteen, omdat het verschil tussen leeg en volgeladen rijden daar het grootst is. Raadpleeg altijd de sticker.
Hoeveel bar bij volle belading?
Rijdt u met vier personen en bagage, met een aanhanger, of op vakantie met een volgeladen auto? Dan schrijft de fabrikant een hogere spanning voor, meestal 0,2 tot 0,4 bar extra en vooral op de achteras. Die waarde staat in de tweede kolom op de sticker.
Vergeet niet om de spanning weer terug te brengen als de auto weer leeg is. Structureel te hard rijden zorgt voor minder grip en versnelde slijtage in het midden van het loopvlak.
Bandenspanning controleren: zo doet u het
- Meet met koude banden. Rijden warmt de lucht in de band op, waardoor de spanning stijgt. Meet daarom voordat u wegrijdt, of na maximaal twee tot drie kilometer rustig rijden.
- Draai het ventieldopje eraf en druk de meter of het vulpistool recht op het ventiel, zonder scheef te houden.
- Lees de waarde af en vergelijk met de sticker.
- Pomp bij of laat af tot de juiste waarde bereikt is.
- Vergeet het reservewiel niet. Dat verliest ook spanning, en u merkt het pas als u het nodig hebt.
- Draai de ventieldopjes terug. Ze houden vuil en vocht uit het ventiel.
Hebt u warme banden gemeten en zit u 0,2 tot 0,3 bar boven de voorgeschreven waarde? Laat dan geen lucht af. Meet later opnieuw met koude banden.
Controleer de spanning minstens één keer per maand en altijd voor een lange rit. Banden verliezen van nature langzaam lucht, ook zonder lek.
Wat gebeurt er bij een verkeerde bandenspanning?
Te lage spanning is veruit het meest voorkomend en het meest schadelijk. De band buigt bij elke wielomwenteling verder door, wordt warm en slijt versneld aan de buitenranden van het loopvlak. U verbruikt meer brandstof, uw remweg wordt langer en bij hoge snelheid neemt de kans op een klapband toe.
Te hoge spanning verkleint het contactvlak met het wegdek. Dat kost grip, vooral bij nat weer, en de band slijt sneller in het midden. Het rijcomfort neemt merkbaar af.
Bandenspanning en het TPMS-systeem
Alle personenauto’s die vanaf november 2014 nieuw op de markt kwamen, zijn verplicht uitgerust met een bandenspanningscontrolesysteem (TPMS). Dat systeem waarschuwt u met een lampje op het dashboard zodra de spanning in een of meer banden te ver wegzakt.
Belangrijk om te weten: een TPMS-systeem vervangt de handmatige controle niet. De meeste systemen slaan pas alarm bij een afwijking van rond de 20 procent, en tegen die tijd rijdt u al een tijd op onderspanning.
Blijft het lampje branden nadat u de banden op de juiste spanning hebt gebracht? Dan is er meestal iets anders aan de hand: het systeem moet opnieuw ingeleerd worden, of een van de sensoren is defect.
TPMS-sensoren zijn niet universeel. Welke sensor past hangt af van het merk, het model en het bouwjaar van uw auto.
Veelgestelde vragen
Hoe weet ik welke bandenspanning mijn auto nodig heeft?
Kijk op de sticker in de deurstijl aan de bestuurderskant. Staat daar niets, controleer dan het tankklepje, het handschoenenkastje of het instructieboekje. Online kunt u de waarde ook opzoeken met uw kenteken.
Staat de bandenspanning op mijn kentekenbewijs?
Nee. Het kentekenbewijs bevat voertuiggegevens zoals massa en afmetingen, maar geen bandenspanning. Met uw kenteken kunt u de waarde wel online opzoeken.
Hoeveel bar moet er in mijn autobanden?
Voor de meeste personenauto’s ligt de juiste spanning tussen 2,0 en 2,5 bar. De exacte waarde hangt af van uw model, de bandenmaat en hoe zwaar de auto beladen is, en staat op de sticker in de deurstijl.
Mag de bandenspanning voor en achter verschillen?
Ja, dat is normaal. Bij veel auto’s staat er iets meer spanning op de voorbanden, omdat daar het gewicht van de motor op rust. Volg altijd de waarden van de fabrikant.
Hoe vaak moet ik de bandenspanning controleren?
Minstens één keer per maand en voor elke lange rit. Banden verliezen ook zonder lek langzaam lucht.
Moet de bandenspanning bij winterbanden hoger?
Veel fabrikanten adviseren bij winterbanden een lichte verhoging ten opzichte van de standaardwaarde. Controleer wat er voor uw auto in het instructieboekje staat.